“Je hebt rust nu. Het is feest.” zegt de man met zijn gebrekkige Nederlandse tongval. “Feest? Echt feest kan je het vandaag niet noemen.” zeg ik. Hij lacht. “Feestdag, bedoel je?” “Ja, feestdag. De mensen eten met hun familie. Het is vakantie. Minder volk. Het is rust.” Ik kijk naar de TV die luid speelt. Een jongetje van Turkse afkomst doet zijn relaas. “Ik begrijp er niets van” zeg ik, de man vragend aankijkend. “Hij vertelt dat hij 106 uren onder de grond lag. Aardbeving geweest, twee weken geleden. Weet je? Zeshonderd doden.” “Ja, hoor gehoord. En dit zijn de verhalen van de overlevenden.” De TV toont voor -en na beelden van getroffen plekken in Oost-Turkije. Schrijnende tafeleren. “Doden, overledenen,triest,een dag te vroeg, morgen de dag voor allen die ter zielen zijn en vandaag diegenen die verheven doods zijn” denk ik. Ik betaal, neem mijn bestelling en wandel naar buiten. Triestig weer.
november 1, 2011